Oplossingen Dirigram 1 HORIZONTAAL 1. ZESKWARTSMAAT (ja, die bestaat ook…) 9. VERSLAG (beschrijving van iets achteraf, een ver-slag is nodig om nadien een loop langs alle honken te maken) 10. ORIGAMI (Japanse vouwkunst) 11. GAP ( gappen = (weg)nemen, + stad in Frankrijk) [GET] 12. LAADTIJD (belasten = laden) [LAATTIJD] 13. SPATIE ( = tussenruimte = interval (muz.)) [SPATOP] 14. SPELPEIL (terecht werd door een enkeling opgemerkt dat het peil niet bij alle deelnemers van het Dictee even hoog ligt…) 16. FOOI (muz. Sterk = F(orte) + ooi) 18. ROEM (“eigen roem stinkt”) [REET] 19. ZEGE (V = victorie) [LEVE, TWEE] 22. UWEN (“u en de uwen”) 24. BRANDSIJS 28. KLAGER (reclameren = klagen) [BLEKER] 29. SETTERS (mode = trend….) 31. HER (twee betekenissen) 32. IN PETTO (lett. “in het hart”, nog niet uitgevoerd) 33. OERKLEI (“uit de klei getrokken zijn”) 34. DIENSTKLEDING VERTICAAL 1. ZEVENSTER (ze-venster) 2. SARABANDE (dans, Sara (50) bannen = afweren) 3. WILDDIEF (Piraat = zeerover (z=r) > reerover = …) [WILDROOF] 4. ROGGE (voorzitter IOC, gewas) 5. STOPLAP (lap ter stelping van ’t bloeden, met tussen haakjes een echte rijmelaars-stoplap!) [SNOTLAP] 6. AMIRAAL (admiraal – D) 7. TAALTJE (t.a. = blijkens de akten, zangeresje = altje; onduidelijk wat ze zingt = taaltje) 8. DUINDAL (zand daarover maakt verschil tussen hoog en laag kleiner) [DUINDEL, is gedoogd] 14. SINUS (inham, holte = lege ruimte, al zit-ie bij mij ook wel eens vol, maar dan is het eigenlijk geen holte meer ;-) ) 15. EUWE ( 100 jaar = eeuw: anagram van (Max) Euwe, schaakgrootmeester) 17. OPUS (ronde = O, afscheiding = pus) 20. ENIGERLEI [WELKERLEI] 21. ELORATING (waarderingssysteem voor schakers; anagram van “nar gloeit”) 23. NULSERIE (rij nullen) 24. BASTION (bast-ion) 25. AUTOPED (klinkt als “pet”= slecht) 26. DEELTJE (slot van V24: ion) 27. IJSSHOWS 30. BROEK (houten broek = kansel) [TRONK] ---------------------------------------------------------- Dirigram 2 HORIZONTAAL: 1. BOEZEM 10. DWARS ('dubbel en dwars') [DRAWS, DIAKS] 11. SLAGWERKSTER (soort=slag, bij=werkster) [SLAGWERKER] 13. LAWAAI (achter op: oplawaai) 14. IMMER (Latijnse mistekst: tot in de eeuwen der eeuwen') 15. ESTAMPIE (anagram, oude dans uit Frankrijk) 16. LEKSUIKER ('Wijks' is een verwijzing naar de Lek, die bij Wijk bij Duurstede de taak van de Rijn overneemt, glucoseprobleem is 'suiker') [ZAKSUIKER] 17. DIACONIE (=armenzorg) [DIAFONIE] 18. WINDJAMMER (met anderen jazz improviseren is jammen, Beaufort verwijst naar wind, en het Beauforthuis is een concertgelegenheid –met regelmatig jazzprogramma’s- in Austerlitz) 19. KNIE (gamba is een 'knieviool') 20. ASSAI (Massai - M, versterkende term in muziekale aanduidingen) 21. ACC. (> is een muzikaal accent, - ent) [AFL] 23. GREBBEBERG 24. FINE (muiekterm om het einde van een compositie aan te duiden) [TIME] 25. ECHOGRAM 30. DWEILORKEST 33. NASLAG (muzikale versiering) [NASAAL] 34. DRIEPARTIJENREGERING 36. MUTATIEBESTAND (stemwisseling is mutatie, data had niets met de kalender te maken, maar met een computerbestand) 37. DROMEN 42. NARCOSEBROEDERS 44. GAMBA (instrument en garnaal) 45. OORDOP [DOODOP, OOGDOP] 46. SOLOKLAS (lijkt nogal tegenstrijdig) 47. O.L.V. (Onze Lieve Vrouwe / onder leiding van) 49. AMBTENARIJ (ambten voor A-rij) 50. RECITEREN (re is weer, citeren is aanhalen) [REDIGEREN] VERTICAAL: 2. OCTAVEREND INSTRUMENT (Van Dale geeft dat een instrument dan acht tonen lager klinkt, maar het kan ook hoger zijn) [OCTAVALENT INSTRUMENT] 3. ZWAARSTWEGEND (zwaarst-weg-end) [ZWAARWEGEND] 4. MUSICIENNE 5. HARMONICAGAAS 6. OSIRIS (godheid wordt aanbeden, os-iris) 7. BALLETJE-BALLETJE (rondje + dansje -met andere klemtoon- , samen bedrieglijk spel) 8. MEESTAMPER (meest-amper) [MEESTAMPEN, NEESTEMMEN] 9. STEPDANS [STAPPANS] 10. DRIEKONINGENLIED 12. KAASDRAGERS (atlas is drager/wervel, traditie in Alkmaar) 22. CD (plaatje, in het absoluut gebruikte do-re-mi-systeem geldt: C = do, D = re) [LP] 26. HZ (toonhoogte ofwel frequentie wordt aangegeven met de eenheid Hertz; (afge)kort Hz: de vaak gekozen oplossing HF -hoogfrequent is niet juist, het element 'hoog' in de omschrijving zou dan zeker vermeden zijn) [HF, HI] 27. DE MAAT HOUDEN 28. DRIEDEURS 29. TAILLE (middel / tenorstem in zekere compositietechniek) 31. EERSTGEBOREN (Jakob en Ezau, zie Genesis 27) 32. TEGENMELODIE (een 'eigenwijze' wijs tegen de hoofdmelodie in) 35. ENTERTOETS 38. REGISTER (twee betekenissen) 39. MAMMON ('pop-idool' = geld-afgod, hier moet een dubbelslag gemaakt worden) [MAMNON] 40. NAAMVAL 41. PSALMEN / PSALTER ( Psalmen was mijn bedoeling: onderdeel van de Schrift, dus een bijbelboek. Van Dale geeft bij 'psalter': het boek der Psalmen. Dus zijn die woorden volstrekt gelijkwaardig. Beide zijn goedgerekend.) 43. EXPORT 48. IMF ( 999 in Romeinse cijfers: IM, F is Forte -sterk muz.) ------------------------------------------------------------------------ Dirigram 3 Horizontaal: 1. TRAIT-D'UNION 7. FAKEN 10. SCHEPPINGSVERHAAL 11. ADERRIJK 12. LIASSEN 13. TOGEN 14. VENIJN 16. BAHCO 17. OPOESTIJL 19. WALKMANS 21. WADEM 22. ROEST 23. BIJMAN 24. IDIOOTS 26. SPOTTEN 28. GOUDOPLOSSING 29. OEN 30. NURSE 31. NON-EXISTENT Verticaal: 1. TOSCA 2. ACHTERGRONDFIGUUR 3. TYPEREN 4. UNIEK 5. INGELAND 6. NEVEL 7. FERNAMBUK 8. KAASSCHAAFMETHODE 9. NYLONKOUSEN 13. TROUWRINGEN 14. VRIJER 15. NAAKT 18. SEMIOLOGE 20. VERASSEN 23. BRONGAS 25. SALON 26. SFINX 27. NONET ------------------------------------ Dirigram 4 Horizontaal: 7. doka 10. kort en klein slaan 12. lesauto 13. vormingswerk 15. vingerhoedskruid 17. fotodienst 19. spelbederf 23. L.A. / la 25. nethemd 26. morgengave 27. steunpanty 28. poef 29. spank 32. leb 34. rustoorden 35. septime 36. euro's 38. spijkerautomaat 39. negerengels 40. trommelrem Verticaal: 1. teruggevlogen 2. akkoordje 3. het voordeel van de twijfel 4. snor 5. fluitketel 6. zanghulde 8. oude 9. aankomst 11. ovenvers 14. weddeschaal 16. duffel 18. sommetje 20. paardensprong 21. rompparlement 22. agapornis 24. artrose 25. neusspeculum 30. vorstvrij 31. pispotje 32. lekwater 33. boksteam 37. Zeist ------------------------ DG5 HORIZONTAAL: 7. achtereergisteren 10. vloteling 12. atonaal 13. snelfiltermaling 15. bot 16. oxer 17. een kruisje slaan 22. Renoir 24. streekcentrum 26. kakelvers 28. trappist 29. auto-onderdelen 30. aki 31. bladaluminium 32. Orkater 33. stelschroefjes 35. apneu VERTICAAL: 1. walvisbiefstuk 2. bekeren 3. Levi 4. mirakel 5. draagloon 6. knolanjer 8. hoogstandje 9. trommelaar 11. gelukje 14. fluisterend 18. rinkelbom 19. spruitjeslucht 20. solmisatie 21. grastrimmers 23. erepenningen 25. testrijders 27. kotsbakje 29. A-omroep 31. bruto 34. Jo --------------------- DG6 HORIZONTAAL: 2. lotsbestemming 8. sterf-op-straatworst 12. waterstaat 13. standrecht 14. satanaap 15. Formentera 16. betalingsverkeer 20. ijveren 21. propoost 23. Tom 24. recessie 25. ex-prof 28. roofmier 30. spuitwijn 32. erebul 33. overmatig 34. io 35. tweedubbel 37. balneologie 39. rapplement 40. behabandje 42. asdag 44. beige 45. stereolet 46. ontworteling VERTICAAL: 1. betaalsheer 3. tapijtbaan 4. betaalpas 5. taalstoornis 6. inrijden 7. orgeltrapper 9. waagmeester 10. tierelier 11. schaalverdeling 17. ga terug 18. vriestoilet 19. rijmwoordenboek 22. sr 25. electoraat 26. Pieterpad 27. f-sleutel 29. maanlanders 31. notabel 36. Boekelo 38. ice tea 41. gene 43. gen 45. sin. ----------------------- DIRIGRAM 7 Horizontaal: 2. SET 6. OPMAAT 8. KAMERMUZIEK 9. SYMFONISCH GEDICHT 10. PIANOFABRIKANTEN 11. GEMEENTE 12. CASTREREN 14. MIHOEN 15. HERSENHELFT 18. GP 20. GALMEI 21. SPELERS 22. CEL 24. CAST 27. VIOOLTJE 28. INTROSCOOP 30. PINDANOOTJE 33. KORAAL 34. MORENDO 35. ASHALS Verticaal: 1. STEMTIMBRE 2. SPELOEFENING 3. MAATCONTROLE 4. HARMONIEMODEL 5. LICHT KLASSIEK 6. OKKERNOTEN 7. TOETSFUNCTIE 9. SPICE GIRLS 13. VERSTOPPEN 16. HARPOEN 17. AGOGIEK 19. PIANOBAR 22. CD-TITELS 23. LIEREN / LIËREN 25. BREAK 26. PSALM 29. INDO 31. ACES 32. OPTA